Het aanplantingsplan is een voorbeeld van een mooie en natuurlijke indeling. Voel je vrij om de planten licht te verschuiven of de indeling aan te passen aan jouw eigen smaak. Houd wel rekening met de uiteindelijke grootte van de planten, zodat iedere plant voldoende ruimte krijgt om optimaal uit te groeien.
Benodigdheden
Voordat je begint, zorg je ervoor dat je het volgende bij de hand hebt:
- Schep
- Emmer met water
- Gieter of tuinslang
- Eventueel aanplantgrond of kwalitatieve teelaarde
- Tuinhandschoenen (optioneel)

Stap 1. Bereid de grond voor
Verwijder eerst al het onkruid, gras en andere plantenresten. Maak vervolgens de bodem goed los tot ongeveer 20 à 30 cm diep.
Wil je jouw planten de best mogelijke start geven? Meng dan kwalitatieve aanplantgrond of teelaarde door de bestaande grond. Hierdoor verbetert de bodemstructuur en krijgen de wortels meer ruimte om zich snel te ontwikkelen.
Stap 2. Zet alle planten uit
Plaats alle planten, terwijl ze nog in de pot staan, volgens het aanplantingsplan op de juiste plaats.
Neem rustig de tijd om de indeling te bekijken. Wil je enkele planten licht verschuiven? Dat kan natuurlijk. Het aanplantingsplan is een voorbeeld van een mooie, evenwichtige verdeling, maar je mag de border altijd aanpassen aan jouw eigen smaak.
Pas wanneer je volledig tevreden bent over de indeling, ga je verder met de volgende stap.
Stap 3. Graaf de plantgaten
Graaf voor iedere plant een plantgat dat ongeveer twee keer zo breed is als de pot en net iets dieper dan de hoogte van de kluit.
Zo hebben de wortels voldoende ruimte om zich goed te ontwikkelen.
Stap 4. Laat de kluit zich volledig volzuigen
Vul een emmer met water en houd enkel de kluit, terwijl de plant nog in de pot zit, onder water.
Laat de kluit volledig verzadigen totdat er geen luchtbellen meer omhoog komen. Dit betekent dat de kluit voldoende water heeft opgenomen.
Haal de plant vervolgens uit de pot en plant deze direct in het voorbereide plantgat.
Stap 5. Plant op de juiste diepte
Haal de plant voorzichtig uit de pot zonder aan de plant zelf te trekken.
Plaats de plant in het plantgat op dezelfde diepte als waarop deze in de pot stond. De bovenkant van de kluit moet gelijk liggen met het grondniveau.
Vul het plantgat vervolgens met aarde en druk de grond rondom de plant voorzichtig maar stevig aan met je handen. Zo verdwijnen eventuele luchtgaten en maken de wortels goed contact met de bodem.
Stamp de grond niet hard aan.
Stap 6. Geef royaal water
Geef iedere plant direct na het aanplanten ongeveer 3 tot 5 liter water.
Laat het water rustig in de bodem trekken zodat ook de wortels voldoende vocht krijgen.
Houd de grond tijdens de eerste twee weken goed vochtig. Controleer bij warm en droog weer dagelijks of extra water nodig is.
Geef liever één keer veel water dan meerdere keren een klein beetje.
Stap 7. Geniet van jouw border
De eerste weken zijn belangrijk voor een goede inworteling. Sommige planten kunnen na het aanplanten tijdelijk wat slap hangen of enkele bladeren verliezen. Dit is een normale reactie op het verplanten en geen reden tot ongerustheid.
Verwijder regelmatig onkruid zodat de planten alle ruimte krijgen om te groeien.
Met voldoende water, een beetje geduld en de juiste verzorging zie je al snel nieuwe groei verschijnen. Binnen enkele maanden begint de border mooi dicht te groeien en na ongeveer één jaar geniet je van een volle, kleurrijke border.
Goed om te weten
Iedere plant groeit op haar eigen tempo. Hierdoor kan de border direct na het aanplanten nog wat open ogen. Dit is heel normaal.
Geef de planten de tijd om zich te ontwikkelen. Binnen enkele maanden zie je de border steeds voller worden en uiteindelijk uitgroeien tot het beoogde eindresultaat.
Heb je tijdens het aanplanten toch nog vragen? Neem gerust contact met ons op. We helpen je graag verder zodat jij jarenlang kunt genieten van een prachtige border.






